Het kabinet stelt gemeenten voor een onuitvoerbare en onrechtvaardige taak

Soms vraag je je af of men in Den Haag wel weet hoe het is in de Nederlandse gemeenten aan toe gaat? Dit had ik in de discussie rond de Participatiewet afgelopen week.
De Participatiewet werd in 2015 ingevoerd om mensen die naast de arbeidsmarkt blijven staan aan een baan te helpen. Vorige week publiceerde het Sociaal en Cultureel Planbureau een vernietigend rapport over deze wet. De wet, van het kabinet Rutte-II van VVD en PvdA, heeft er niet of nauwelijks toe geleid dat er meer mensen vanuit een uitkering of sociale werkplaats naar een gewone baan zijn doorgestroomd.

GroenLinks deelt het beeld dat het Sociaal Cultureel Planbureau schetst. We vinden dat er in de huidige situatie veel te veel druk wordt gezet op mensen om aan het werk te gaan, zonder hierbij oog te hebben voor de achterliggende oorzaken waarom mensen thuis zitten. Misschien gaat er nu eindelijk iets veranderen dacht ik. Maar het kabinet kwam als snel met een reactie.

Staatssecretaris Tamara van Ark (Sociale Zaken, VVD) wil af van de vrijblijvendheid in de bijstand en wil daarom in de wet vastleggen dat alle gemeenten bijstandsgerechtigden een "passend, niet vrijblijvend aanbod" doen. Nu is dat niet verplicht. Nog meer dwang dus.
De reactie van het kabinet is een duidelijk voorbeeld van een denkfout die in onze samenleving is geslopen. Veel mensen zijn ervan overtuigd geraakt dat iedereen aan het werk moet, want mensen die werken zijn het gelukkigst. Als dit je niet lukt, is het je eigen schuld en mag je daarvoor worden gestraft of verplicht worden om werk dat je wordt aangeboden aan te nemen. Ik zal hieronder uitleggen dat dit beeld niet reëel is.

  1. Iedereen moet aan het werk, mensen die werken zijn het gelukkigst

Het idee achter de Participatiewet is dat iedereen aan het werk moet. Door een baan hebben mensen een zinvolle dagbesteding, een inkomen en de mogelijkheid om zich te ontwikkelen.

Dit zal vast voor een heleboel mensen zo zijn, maar geldt echt niet voor iedereen. Voor een grote groep is werk helemaal niet de weg naar een gelukkig leven. Stel dat je bijvoorbeeld kampt met gezondheidsproblemen, dat je als alleenstaande ouder zorgt voor je kinderen of mantelzorger bent voor een familielid. Is het dan de beste oplossing om daarnaast te moeten werken? Daarnaast kampt 1 op de 7 werknemers in Nederland tegenwoordig met burn-outklachten. Dit roept de vraag op of werken echt wel zo goed is voor mensen als het kabinet ons doet geloven?

  1. Als je het niet lukt om aan het werk te komen is dat je eigen schuld

Het beeld dat steeds wordt geschetst is mensen die in de bijstand zitten lui zijn en daarom daar zitten. Het is volgens het kabinet dan ook logisch dat je door de zogenaamde tegenprestatie iets terug gaat doen voor de uitkering die je ontvangt. Deze redenering gaat ervan uit dat iedereen in Nederland dezelfde kansen heeft op school en op de arbeidsmarkt. Als je vervolgens in de bijstand terechtkomt, is dat je eigen schuld.

De realiteit is echter dat er in Nederland sprake is van een grote kansenongelijkheid. Het simpele feit is dat als je ouders hoogopgeleid zijn, je zelf ook een veel grotere kans hebt om hoogopgeleid te geraken dan wanneer je ouders laagopgeleid zijn. Daaruit voortvloeiend zijn je kansen op de arbeidsmarkt natuurlijk ook een stuk beter. Het is totaal niet rechtvaardig om kritiek te uitten op mensen in de bijstand zonder daarbij kansenongelijkheid in ogenschouw te nemen.

  1. Mensen die niet werken moeten worden verplicht om dat wel te doen.

Terug naar het plan van staatssecretaris Van Ark. Gemeenten moeten mensen in de bijstand een niet vrijblijvend aanbod tot werk doen. Dit plan slaat de plank volledig mis. Het overgrote deel van mensen in de bijstand bestaat uit mensen die er voor kiezen om niet te werken vanwege bijvoorbeeld de zorg voor kinderen. Daarnaast is er een groep die vanwege andere problemen niet in staat is om te werken. Zoals een wethouder uit Stadskanaal het vorige week in NRC formuleerde: “Ongeveer een kwart van de bijstandsgerechtigden is domweg bezig zijn leven weer op de rails te krijgen. Dat ontkennen vind ik getuigen van een irreëel mensbeeld”, voegde hij daaraan toe.

Voor deze mensen is de verplichting om te werken onrechtvaardig en zorgt alleen maar voor problemen. Dit beleid moeten we in Hilversum absoluut niet uit gaan voeren. Laten we in plaats daarvan verder durven kijken dan alleen werk. Laten we voor iedere inwoner van Hilversum die een steuntje in de rug nodig heeft, kijken naar de best mogelijke ondersteuning. In de vorm van zorg, werk, een uitkering of wat dan ook.

Arie Poels
Fractielid GroenLinks Hilversum